De toekomst van werk: we hebben niets te verliezen

De toekomst van werk leidt tot heftige discussies. De robots komen, de middenbanen verdwijnen en leidt tot verdringing aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Maar is dat ook zo? Een rondgang langs een aantal recente publicaties en een terugblik om onze eigen ontwikkeling van de afgelopen jaren laten een genuanceerder beeld zien. Ja, ons werk is sterk in verandering. Nieuwe taken en nieuw werk is prachtige ambitie!

Optimisme terecht?

Vanuit de geschiedenis een “Ja”.  Want ICT en robotisering hebben tot nu toe altijd tot een versnelling van economische groei en nieuwe banen geleid. Ook vanuit de gezondheid van de mens een “Ja”. Zwaar werk wordt mogelijk met support van machines. Daardoor kunnen we langer mee. En, zo betogen werkgoeroe Lynda Gratton en het Oxford Report [1], – er moeten nog steeds billen gewassen worden in de zorg. Met andere woorden diensten die mensen ter plekke kunnen uitvoeren, blijven bestaan. Vooral routinematig werk is kwetsbaar voor vervanging. Hier speelt de discussie dat de ‘middenbanen’ op de tocht staan. En wellicht is er verdringing aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Een bijkomstige onzekere factor is internetrevolutie, waarmee m.n. data voor een kaalslag van gewerkte uren zorgen (zie blog Big Data –“Pfiew, wollige term..”).

Blended is het nieuwe toverwoord

Inmiddels komen er steeds meer geluiden over het perspectief in het samenwerken tussen mens en machine. In onze praktijk zien we schoonmakers met mobieltjes als werkgereedschap, mensen met fysieke beperkingen met robotpakken aan, die rugklachten voorkomen. Innovaties om het werk leuker en makkelijker te maken. Oude taken vervallen (bv. planningsafdeling) nieuwe taken komen erbij (bv. zelfroostering).

Daarnaast blended learning. Online leren en in de praktijk coachen. Lekker dicht tegen je toekomstige werkplek aan. Ook voor mensen met een taalachterstand een heel haalbaar traject. Een mooi voorbeeld is het diploma bevoegd spoorbetreder voor mensen die veilig langs het spoor moeten werken. Een online toets met animaties en video’s vormt de basis van de opleiding.

In de praktijk zien we ook dat jobs een steeds kortere levensduur hebben. Regulier onderwijs kan dat nauwelijks bijbenen. Bedrijven en instellingen slaan samen de handen ineen. Zo ook bijvoorbeeld bij de Topacademie van het Erasmus Medisch Centrum dat jongeren samen met o.a. Hago Zorg opleidt. http://www.rotterdam.nl/topacademieleidtjongerenopbijerasmusmc.

Blended is ook de samenwerking tussen de maak- en dienstenindustrie. Die groeien steeds meer naar elkaar toe. Mooi voorbeeld is de ontwikkeling van een bedrijf als ASML. Als afgeleide diensten van de productie van chips zijn bijvoorbeeld hoogwaardige diensten als schoonmaak van cleanrooms nodig. Hoera, een nieuwe job is geboren.

Adoptievermogen

Zijn we als mensen en als organisaties in staat om zo snel mee te veranderen? Als mens zouden we moeten kunnen. Als je kijkt naar de snelheid waarmee we internet en mobieltjes onderdeel van ons dagelijks leven maken. Zie hier het verschil bij de pauswisseling… Zoek de verschillen.

Maar voor organisaties is het lastiger. Vooral grote  bedrijven hebben er last van. Zij zitten met de gebakken peren van mensen met vaste contracten van medewerkers en een dure fysieke infrastructuur.

In de praktijk vertrouwen opbouwen

Het gaat niet vanzelf. Zoals het recente Rathenau  rapport[2] is bewustwording van de omvang van de impact van technologie cruciaal. Een voorzichtige schatting leert ons dat de komende 10 jaar minimaal 25% van de huidige gewerkte uren van onze mensen er anders uitzien. Voor sommigen betekent het verdwijnen van hun baan, voor sommigen een nieuwe baan. Maar voor de allergrootste groep betekent het nieuwe taken, nieuwe technologie en andere vorm van aansturing of contracten.

We herkennen de pijn van de grote organisatie. Echter we zien ook veel wendbaarheid. Mensen die werkzaam zijn in uitvoerende dienstverlening  zijn doeners en in het algemeen optimistisch! In lijn met het Rathenau  rapport proberen we in rap tempo te wennen aan nieuwe technologie en aansturingsvormen (bv. zelfsturende teams). We proberen ons lerend vermogen te vergroten, met vallen en opstaan. Niet door grote trajecten, maar door op heel veel plekken op kleine schaal te proberen.  Want pas door te proberen, kunnen we leren… Niet in ons eentje, liefst samen met onze partners, startups en hier en daar wat hulp van de politiek.

Om samen te proberen met en van partners moet je eerst vertrouwen opbouwen. Dat begint met elkaar te leren kennen. B.v. via een Happy Hour met een gezamenlijk onderwerp. Voordat u het weet rollen de voorbeelden over de (borrel)tafel. Goede partners zitten in de uitvoerende dienstverlening vaak om de hoek, want dichtbij – snel in de praktijk regelen – in een onderschatte grote kracht.

[1] Lynda Gratton -The Shift; Frey at al – The future of employement;

[2] Rathenauinstituut: De Robotsamenleving http://www.tweedekamer.nl/sites/default/files/atoms/files/rath_rapport_robotsamenleving_web.pdf

 

 

Leave a Comment